BelgiëHaïti

zondag 21 april 2013

Terug naar school!

Ook aan een hele lange paasvakantie komt uiteraard een einde. De laatste periode voor het project is aangebroken. De eerste week was nog een beetje zoeken, want de eerste schooldag bleek de meester van het zesde leerjaar, mèt Jocelyn, afwezig te zijn. Hij kon dus in de namiddag niet op onze wekelijkse afspraak aanwezig zijn om de lessen van de komende week voor te bereiden. Al snel namen we de beslissing om woensdag toch naar de school te trekken en de les zelf te geven.

Zo gezegd, zo gedaan: ik gaf de eerste les na de vakantie over de techniek ‘moeilijke woorden’. In die les leerden de leerlingen waar ze een woord dat ze niet begrepen konden opzoeken, namelijk in de context van het verhaal, vragen aan iemand of het opzoeken in de woordenboek. Bij dat laatste trok ik mijn ogen open hoeveel leerlingen hier nog effectief moeilijkheden mee hadden. Om een voorbeeld te geven: L’environnement werd opgezocht bij de ‘L’ en om het woord ‘monticules’ op te zoeken, begon de zoektocht bij woorden die begonnen met ‘ma…’. Daardoor werd bij sommige groepjes in de peer tutoring al snel gefocust op ‘hoe zoek ik een woord op in de woordenboek’. Dit is direct één van de grote voordelen van peer tutoring: differentiëren tussen verschillende groepjes.



Vrijdag vertrok ik met hetzelfde plan naar de school: we zouden beginnen aan de lessen over de techniek ‘vragen stellen’ waarbij de leerlingen wordt geleerd om zich na het lezen van een tekst automatisch een aantal vragen te stellen (Wie? Wat? Waarom? Waar? Wanneer?). Voor de les begon, legde ik mèt Jocelyn kort uit waarover de les zou gaan, zodat hij op z’n minst wel kon volgen. Ik voelde dat hij echter zelf bereid was de les te geven. En jawel, zonder veel voorbereiding heeft hij de volledige les zelf gegeven. Ik was alweer onder de indruk: dit bewijst dat hij volledig mee is met de inhoud van het project en het systeem van de peer tutoring onder de knie heeft. Om deze techniek tot een goed einde te brengen, leren de leerlingen dat ze sleutelwoorden uit een tekst kunnen halen. Dit bleek echter gemakkelijker gezegd dan gedaan: wij zouden de helft minder sleutelwoorden selecteren dan hen… Zelfs de meester schreef tussen de sleutelwoorden veel details op. Om dan een antwoord te kunnen geven op de vragen, gingen ze terug de leestekst scannen op zoek naar de antwoorden. Dat was niet de bedoeling: als je alle sleutelwoorden opschrijft, kan je op basis daarvan antwoorden op de vragen wie? wat? wanneer? enz.? Op zo’n momenten besef ik dat ik soms nog te vaak met de Europese maatstaven in mijn hoofd zit en dat we misschien soms te veel verwachten. Het is leerrijk om op dergelijke concrete manieren geconfronteerd te worden met andere gebruiken.

De week erna werkten we via peer tutoring verder aan deze vierde techniek. ’s Woensdags was echter niet zo’n goede les. De leerlingen zaten meer te prutsen dan echt geconcentreerd te werken. Ook het echt samenwerken en discussiëren om op zoek te gaan naar sleutelwoorden, bleef onwennig, iets wat eigenlijk niet meer zou mogen. Bij thuiskomst heb ik dan alle oefeningen nagekeken en gecorrigeerd. En dat bleek een goed idee te zijn. Op die manier wisten de leerlingen dat hun antwoorden wel degelijk worden nagekeken, dat het niet zo maar een spel of een leuke afwisseling is wanneer wij komen lesgeven. Het corrigeren van de oefeningen had nog een extra voordeel. Er kwamen mij namelijk een aantal leerlingen het volgende zeggen: “Koulya a n ap konprann” (nu begrijpen we het). Blijkbaar was voor hen nog niet helemaal duidelijk wat in een tekst precies belangrijke informatie en minder belangrijke informatie is. Ze gingen daarna veel gerichter op zoek naar de juiste sleutelwoorden en ook het werken in de groepjes ging verbazend veel vlotter. Alleen was nu het probleem dat de helft van de klas zonder pen naar school kwam… het is opvallend dat ze bij ons telkens meer actief aan de slag moeten dan ze gewoon zijn. De focus ligt in andere lessen vooral op ‘luisteren’, waarbij ons de focus ligt op het zelfstandig leren én waarbij een pen onmisbaar is. Doordat ze zonder pen naar de school komen, wordt hun werktempo trager aangezien ze telkens hun pen moeten uitwisselen.



Na deze twee oefenlessen is wel duidelijk dat ze techniek vier voldoende beheersen. We kunnen nu verder op weg naar techniek 5 “het maken van een structuurschema”, waar de sleutelwoorden nog belangrijker worden. Een uitdaging voor ‘mijn’ leerlingen, maar ik hoop (en geloof) dat ze er in zullen slagen!


PS: wegens internetproblemen konden de foto's niet onmiddellijk worden geüpload, maar dat is nu in orde! In het mapje 'april' vinden jullie foto's van het project.

dinsdag 16 april 2013

Filmpje TSL

Een kort overzichtje van de huidige activiteiten in Ti Solèy Leve.
In beeld vooral de kleutertjes en mijn leerlingen van het zesde leerjaar!

https://www.youtube.com/watch?v=DOPJ1RXJc6U



woensdag 10 april 2013

Toerisme in Haïti

Tijdens de vakantie trokken Kelvin en ik een week naar Port-au-Prince. Maandagochtend vertrokken we rond 6u en tegen de middag waren we al gearriveerd. Dankzij het Carnaval werd de weg tussen Cap-Haïtien en PAP op de ergste plaatsen hersteld waardoor we aan een goed tempo de hoofdstad bereikten.

Dinsdag hadden we een toeristische dag gepland. ’s Ochtends bezochten we het nationaal museum. Een mooi onderhouden gebouw, vaste inkomprijs, een gids die ons de hele geschiedenis van Haïti beknopt maar duidelijk uitlegde. Het museum is gevestigd in het hartje van de stad en beschikt over enkele waardevolle rekwisieten zoals zwaarden en zakhorloges van belangrijke presidenten. Het meest spectaculaire bezit is een prachtige kroon van Soulouk, een historische figuur. Tijdelijk liep er ook een tentoonstelling van schilderijen. Fijne patronen en schitterende kleuren vroegen echt onze bewondering. We reden verder naar Fermathes, waar we in de ‘mission Baptiste’, een hapje aten, om daarna verder omhoog te rijden naar Fò Jàk (Fort Jaques). Uiteraard was dit nergens aangegeven, dus we moesten even zoeken om het te vinden. Na een tijdje bereikten we een groot dennenbos – zeldzamer in Haïti - waar het fort was gevestigd. Het werd gebouwd door een van de presidenten om PAP te beschermen tegen vijandige indringers. Het ontvangst voor toeristen is dan weer typisch Haïtiaans in de hoop een zaakje te doen: geen vaste prijs voor de gids, dit was te onderhandelen. Ook om het fort binnen te mogen, werd gepingeld: zonder geld ging de poort niet open. Toch waren we tevreden dat we dit fort hebben gezien. Het is al bij al mooi bewaard gebleven, hoewel het bij de aardbeving in 2010 een aantal zware beschadigingen opliep. Van op het fort hadden we een prachtig zicht op de megastad die PAP is geworden.

De volgende dag gingen we de iets minder toeristische kant van de stad op; we gingen namelijk op zoek naar een fiets voor Kelvin, op z’n Haïtiaans: na veel onderhandelen koos hij een goede, degelijke fiets voor weinig geld. Na de koop reden we naar Rue N naar een mooie artisanale winkel om vervolgens door te trekken naar ‘Fior di Latte’ waar, na de bedrukkende warmte in de stad, een lekkere ijscoupe heel gelegen kwam. Die dag ook verjaarde père Andrew, de scheutist bij wie we verbleven. ’s Avonds kregen we de kans om aan te schuiven aan een wel erg multiculturele tafel waar mensen uit de Filippijnen, België, Haïti, Kongo en Tsjaad samen zaten. We aten lekker Creools, er was taart als dessert en er werd zelfs gedanst op de typisch Haïtiaanse ‘kompa’. Het was een gezellige avond.

Donderdags stond er op het programma een interview met ‘Bon Nouvèl’, een creools tijdschrift, uitgegeven door de paters Scheutisten. We vertelden over het project in Akil Samdi en ze waren werkelijk onder de indruk. Al direct kregen we de vraag waarom we niet in meerdere scholen werkten. Ze zagen het meteen groots! Benieuwd hoe dat zal aflopen! Na dit gesprek gingen we nog naar de supermarkt voor een aantal aankopen. Terug bij Andrew volgde een rustige namiddag want de volgende ochtend moesten we om 5u opstaan.



We trokken naar Saut D’eau (of Sodo) waar we de zeer bekende waterval zouden bezichtigen. Ik keek mijn ogen uit: voor het eerst in Haïti zag ik iets dat goed voorzien was voor toeristen, een aangename verrassing. We betaalden een vaste prijs en een gids nam ons mee naar beneden via een mooi onderhouden trap. Het geluid van het water werd steeds sterker en ineens stonden we voor een krachtige waterval. Deze waterval is vooral in de voodoo van betekenis. Elk jaar is er in juli een grote ceremonie waar honderden voodoo gelovigen samenkomen om zich in de waterval te baden en offers te brengen. Voor andere Haïtianen is de waterval evenzeer een pelgrimsoord. Ook wij brandden een kaarsje. We waren werkelijk onder de indruk van de waterval, een prachtig staaltje natuur. Maar misschien waren we nog meer onder de indruk over het onderhoud van het domein en het respect voor toeristen, als tip voor andere bezienswaardige plaatsen in Haïti…

Langs een nieuwe aangelegde weg reden we richting Titayen. Op die weg zagen we verschillende vrouwen, met of zonder zwaar beladen ezel, te voet naar de markt lopen om het één en ander te verkopen: fruit, houtskool, wat groentjes. Vaak lopen deze vrouwen twee à drie uur in de volle zon. Ongelooflijk. In Titayen kochten we op de markt verse mango’s en reden we de gekende weg verder naar Akil. Terug thuis ben ik, goed bijgetankt, klaar om nog een aantal weken in het project te vliegen.


PS: enkele vakantiefoto's werden in de map van maart toegevoegd, de foto's van PAP zitten in het mapje van april.