Zoals in elk gezinnetje en in elk huishouden, moeten ook hier af en toe boodschappen gedaan worden, en ik stel voor dat we dat eens samen gaan doen.
We maken een lijstje. Wat hebben we nodig?
- Wat fruit en groenten,
- confituur en choco,
- vlees en kaas,
- brood,
- eten voor de honden
- speciale oogdruppeltjes voor Arlette
- kopieën van de werkblaadjes voor de kleuters.
Al snel wordt duidelijk dat we dit allemaal niet vinden in Wanament (het meest nabij gelegen groter dorp in Haïti), we zullen de grens moeten oversteken naar de Dominicaanse Republiek. Dat wil zeggen ‘s avond duidelijk opschrijven in welke winkels we moeten zijn, wat we precies nodig hebben en tellen hoeveel geld we zullen nodig hebben.
’s Ochtends, 8u30 vertrekken we vanuit TSL, Akil Samdi richting Wanament voor een autorit van ongeveer 40 km., een 50-tal minuten op een smalle en onverharde weg. De chauffeur probeert zoveel mogelijk de putten te vermijden maar niettemin worden we door elkaar geschud en komen er meerdere krassen op de auto door de stekelige planten langs de weg. Hier en daar wordt de savanne platgebrand; geen zelfontbranding door het warme weer, maar door de mensen aangestoken, uit gewoonte. We laten een zucht van opluchting als de asfaltweg voor onze ogen ligt, het blijft nog 10 minuten rijden. Het is opletten geblazen (letterlijk toeterend!) voor de vele brommers die voorbij razen, de ezels die met goederen op hun rug langs de kant van de weg slenteren en de niet altijd voorzichtige kinderen, uitgedost in hun kleurige uniformen, op weg naar school. Telkens weer verbazen we ons erover hoeveel koopwaren sommige Haïtianen tegelijk op één taptap kunnen stapelen en hoe sommigen zich een gratis rit veroorloven, hangend achteraan een busje.
We komen aan in Wanament. Daar moeten we eerst naar de bank om geld af te halen. We hebben te veel boodschappen om te voet de grens over te steken, dus we brengen papieren in orde voor de auto. Of we proberen een andere en vluggere methode: we steken over met papieren die al vervallen zijn, Jeannine betaalt het desinfecteren van de autobanden en zegt dat ze gehaast is omdat Katrijn (zogezegd) ziek is en naar de dokter moet. Ik heb dan maar eens zielig gekeken. We glimlachen nog eens vriendelijk naar de mannen van de UN met hun geweren in de hand.
Slechts één brug verder komen we in een totaal ander land, met een Latijns-Amerikaanse cultuur, een andere taal én een andere munteenheid, peso. Eerste stap in de DomRep. is dus geld wisselen: Amerikaanse dollars, euro’s of Haïtaanse gourdes voor Peso. Dan werken we op een sneltempo de boodschappen af, zoeken we de weg in het doolhof van Dajabon. We nemen ze op een rijtje: de kopiewinkel, de dierenwinkel, de bakker en de supermarkt. We hadden zo graag choco gekocht, maar dat vonden we niet. En dat gebeurt meermaals, ook bij andere producten. We eten dus wat we op dat moment vinden. Is er veel kip en vinden we niet gemakkelijk ander vlees, dan eten we twee of drie dagen kip. Telkens weer staan we met grote ogen te kijken naar het fruit en de groenten die men in Dajabon verkoopt. Mooi en groot en niet zoals in Haïti: klein, verschrompeld, …. Daadwerkelijk: één brug verschil… Als de auto vol zit met boodschappen, kopen we meeneemkip, frietjes en “banann peze” (gebakken kookbanaan). Om half 2 komen we thuis, moe van de trip en de warmte die hier bedrukkend kan zijn. We eten snel ons afhaalmiddagmaal en gaan dan op ons bed liggen om te bekomen van het intensieve werk. De boodschappen sorteren en op zijn plaats zetten, is voor later. Jeannine schrijft haar uitgaven in. We zitten goed voor een week want dan…
… ja dan, gaan we weer “eenvoudig” boodschappen doen, een uitdaging, een avontuur, elke keer opnieuw!
"We hadden zo graag choco gekocht, maar dat vonden we niet. En dat gebeurt meermaals, ook bij andere producten. We eten dus wat we op dat moment vinden." Zooo herkenbaar! Amai geniet van die avonturen, want hier is boodschappen doen meestal minder spannend! :-) Stefanie
BeantwoordenVerwijderen